Naar buiten gauw, om bloemen in te gâren
poëzie
3.6 met 5 stemmen
1.263 ‘Naar buiten gauw, om bloemen in te gâren,
Naar buiten!... hoor de winden somber jagen.
't Is winter, ach! waar zijt gij heengevaren,
Of frisse geuren, schone zonnedagen?
De min verjongt mijn hart; ik, arme dromer,
'k Meende t'allen kant de jeugd te vinden,
En juichte: hé, naar buiten, lief! 't is zomer
En alle mensen zijn mijn goede…
JONG OUD
poëzie
3.4 met 9 stemmen
1.797 Wie kan jonge mensen
Leren jong te zijn?
Tegen vroeg verslensen
Helpt geen zonneschijn.
Veel, dat fris moest spruiten,
Blijkt ter kiem verdord.
Maar de merels fluiten,
En de zomer wordt.…
o Gij die kommrend sterven moest
poëzie
4.1 met 7 stemmen
2.074 [Wijding-sonnet ter Gedachtenisse en Ere mijns vaders]
o Gij, die kommrend sterven moest, en Váder waart,
en míj liet leven, en me teder léerde leven
met uw zacht spreken, en uw strelend handen-beven,
en, toen ge stierft, wat late zon op uwe baard;
- ik, die thans ben als een die in de avond vaart,
en moe de riemen rusten laat, alleen…
O, laat mij tot uw voeten komen,
poëzie
3.4 met 12 stemmen
3.793 O, laat mij tot uw voeten komen,
Omdat gij niet uw boezem biedt,
En, zachtjes lachend, zalig droomen
Van al mijn heen-gegaan verdriet.
O, laat mij tot uw voeten komen,
Omdat gij niet uw boezem biedt,
O laat mij met uw woorden spelen,
Omdat gij mij uw mond ontzegt,
En 't lieve, dat uw mond mij zegt
Als kussen van uw lippen stelen…
CIRCE
poëzie
4.1 met 10 stemmen
1.517 Daarnevens bromt het woelig bal. Hier, in de gangen,
hier zingt en brast men woest. Een weiflend gaslicht daalt
met spookrig weemlen op der drinkers paarse wangen
en speelt in 't gulden nat dat in de bekers kraalt.
Daar rijst zij op, de forse en zwierge leest omvangen
door rood fluweel, waarin het blank der borsten praalt,
het wezen door een…
De verzenzegster
poëzie
3.2 met 5 stemmen
1.481 Voor Maria van Royen
Zij zeide langzaam verzen, en het was
Een zoet geruchten als van zomerregen
In windeloosheid, en het zeer genegen
Aarzlend verwelkomen van wachtend gras.
Koelte doorstreek haar stem, alsof een glas-
Kralen gordijn klaar ritselde in ’t verlegen
Bewegen van een hand; dan beefde tegen
De vochte grijsheid plotseling een…
Najaarslaan
poëzie
3.9 met 15 stemmen
5.052 Ik keek in de gouden heerlijkheid
Van een najaarslaan,
Het was of ik de goudene deuren wijd
Zag openstaan,
Het werd mij, toen ik binnen ging,
Of ik door gouden gewelven liep:
Ik aarzelde even, ik ademde diep,
Diep van verwondering.
Ik voelde mij eerst als een kindje, dat stout
Doet wat verboden is;
Ik sprak: 'Zijn voor mij die gewelven gebouwd…
Voor een natuurdichter
poëzie
3.2 met 5 stemmen
1.543 De dagen van de zomer zijn getogen
De jeugdpracht van de blâren vergaan,
Hun gouden tover is nog troost voor de ogen
Maar weldra zullen naakt de bomen staan.
Hoe is op deze dag mijn hart bewogen,
Dat mart in ’t bos en wil er niet vandaan,
Het weet de pracht dier zuilengang en bogen
En uchtendlucht aan ’t einde van de laan.
Nog is de droom…
Leonoor
poëzie
3.0 met 13 stemmen
4.361 Leonoor, mijn lieve licht,
Voor uw oog de zonne zwicht
Met haar blonde stralen,
Die gans niet, in mijn gezicht,
Bij zijn glorie halen.
Vonken folie aan die git,
Gitten met uw gouden pit,
Bliksemt niet zo fellijk
Dat het hart, dat u aanbidt,
T' ene maal verwellek.
Lieve Leonoor, gij moordt
't Harte dat u toebehoort
Met uw lieve lonken…
AAN TESTILIS
poëzie
3.5 met 6 stemmen
1.520 Och, schone Testilis! waarom de min te ontvlieden,
Zo zoet, zo zalig voor ons hart?
Wilt ge aan het reinst gevoel, halsstarrig, weerstand bieden,
En vlamt gij op uw eigen smart?
Waartoe uw leven door te sterven?
Wat woede dwingt u, wreed, te derven,
En sneeuwt een winter neer op 's levens lentetijd?
Wat vreugd, helaas! moogt gij verwerven…
ZO stil, als lang nog na een onweersbui
poëzie
3.8 met 12 stemmen
4.526 ZO stil, als lang nog na een onweersbui
het laatste vocht zijgt van de zomertakken,
de avond valt, maar in het ronde drupt het
zo gul, zo stil:
Zo stil zinkt weemoed neder in mijn ziel,
gedachten, die een zacht verdriet meebrengen,
druppelen neer en vloeien effen uit
zo droef, zo stil.…
Wanneer gij ...
poëzie
3.5 met 13 stemmen
3.715 Wanneer gij onder mij ligt, wij zijn stil
van vuur, dan ziet uw wit gezicht mij aan
van liefde, en uw ogen zijn vol tranen.
Gij had het niet gedacht, dat zo iets was
op aarde, en uw ogen vullen zich als twee
meren, door bronnen, komend uit uw hart.
Zoals gij aan mij hangt, uw ogen maken
twee streken opwaarts naar mijn ogen.
Ik dacht niet dat…
Geven en nemen
poëzie
3.2 met 6 stemmen
2.355 Zo komt er nooit een eind aan ‘t geven:
Ik geef maar wat ik geef, blijft mijn…
De wondre dingen van dit leven
Willen niet weggeschonken zijn.
‘k Zocht u met schatten ongewogen,
En ledig keerde ik van de reis.
Ik look de blijdschap mijner oogen
In schemer van berooid paleis…
De schaamle sterfelijke bloemen
Die ik u in de avond bracht,
Met…
De nieuwe drankwet
poëzie
3.2 met 8 stemmen
2.484 Langzaam gaat ons ras verslappen,
Holland heeft al lang gekraakt;
Daarom word er op het tappen
Gauw een strenge wet gemaakt.
Als we dan geen drop meer drinken
Is het Vaderland gered.
Laat ons daarom stevig klinken
Op die nieuwe proppieswet.
In Den Haag woont de Minister,
Die de man is van de dag.
Hij bedenkt er en beslist er
Hoeveel iemand…
Grafschrift van mijn hondje Gekkie
poëzie
2.8 met 16 stemmen
2.816 Hofwijck, 25 oktober 1682
Dit is mijn hondjes graf.
Ik zeg er niet meer af
dan dat ik wenste (en de weer’ld was niet bedorven),
dat mijn klein Gekkie leefde en alle grote storven.
----------------------------------------------------
niet meer af - niets anders over
en de weer’ld was niet bedorven - en de wereld zou er
niet slecht mee…
Leu XXme siècl...!
poëzie
3.8 met 5 stemmen
2.321 Wat helpt het al te denken hoe
de tijd zal rozen baren?
De mensen blijven mensen, zo
ze vroeger mensen waren.
Nen nieuwe tijd nu dromen ze al;
zo droomden ze ooit voordezen:
vandage een kwade dag is 't,... en,
't zal morgen beter wezen.
Verbeter eerst u zelve, daar 't
en moet en kan geschieden;
help ander' mensen volgen…
Intermezzo van de oude heer en 't danseresje
poëzie
3.3 met 14 stemmen
2.621 De oude heer:
Danseresje, danseresje,
Zoveel honderd in de maand,
Word prinsesje, word prinsesje
Tegen zoveel in de maand.
Zoveel in de maand bespaard,
Dikwels 'n cadeautje,
O, m'n mooie vrouwtje,
Is dat niet je liefde waard?
En daarbij ik ben geen lastig heer,
In de week kom ik maar zoveel keer,
Nooit of nimmer meer…
Daar rijden de soldaten
poëzie
3.0 met 5 stemmen
1.533 Daar rijden de soldaten
Betrest, verguld, gespoord,
Langs lindegroene straten
Als door een erepoort;
Zij dragen, licht-kapellen
Op lijfrok en schabrak,
De vlokken niet te tellen,
Waar zich de zon in brak.
Goudsbloemen zijn hun knopen,
Een stengel, wiegt hun zwaard,…
Doodsnadering I
poëzie
1.7 met 6 stemmen
3.711 Is dit, O heer, dit oppervlakkigheid,
Dat ik mijn uren en mijn dagen
Zo onbezorgd en zonder veel te vragen
Zo ongeveer als vroeger slijt?
Alleen wat machtelozer en wat zwakker
En zonder levenstaak en levensstrijd -
Des morgens word ik zonder plichten wakker
En hul mij aanstonds in mijn eenzaamheid.
Dan komen mijn vrienden die mij wat verwennen…
De twee kreeften
poëzie
2.0 met 7 stemmen
2.201 Een fabel.
‘Is dat scharrlen met je schenen!’
Riep een kreeft zijn broeder toe:
‘'t Zien allenig maakt me moe.
Loop toch rechter op je benen!’-
‘Met plezier,’ zei de andre toen,
‘Als je 't mij maar vóór wilt doen!’
Laat ons geen gebreken laken,
Waar wij zelf aan schuldig staan!
't Zal met de andren beter gaan,
Als wij 't eerst…