Felgeel van brem lag, rond, op grijze heiden
poëzie
3.7 met 19 stemmen
2.824 Felgeel van brem lag, rond, op grijze heiden
De zonn’ge heuvel, opgaande aardse zon,
Waarom, bolvormig, op de horizon
Zich werelden van wolken samenrijden.
Scheef, aan weerskant, streefde een bloedbeuke-allee,
Doorschijnend rood de apart zichtbare blad’ren:
De gele punt wachtte op het wachtend nad’ren,
Maar, roodgestippeld, bleef niet-af de…
AVOND-SCHOOL
poëzie
4.0 met 3 stemmen
1.774 Een enkle lamp werpt zijn armzalig geel-
Koperen schijnsel langs de kale muren.
Met wijd geopende oogen zitten heel
Scherp jonens naar het verre bord te turen.
Stoffige lege banken, waarop veel
Inktvlekken en ingesneden figuren
Werpen hun schaûwen langs de doffe deel,
Gesleten door het schuiflend voeten-schuren.
De jongens rammlen met hun…
De Lente
poëzie
3.8 met 45 stemmen
8.487 Reeds is het statig eiber-paar gekomen,
't geduldig rijs wringt stil de knoppen los,
de zoele lente luwt door 't zonnig bosch
en wiegt mijn geest in weemoeds-zoete droomen.
Violengeur stijgt op uit vochtig mos,
een bronzen gloed verjongt de dorre boomen,
en primula's en dotterbloemen zoomen
de groene wei met gouden voorjaarsdos.
Wat heb…
O, sluimer zacht!
poëzie
3.1 met 24 stemmen
6.375 O, sluimer zacht!
't is al zo kalm:
Geen vooglengalm
Verstoort de nacht:
O, sluimer zacht!
Alleenlijk trilt
Mijn minnezange;
Die smacht en smilt
Van zoet verlangen,
Nu woest en wild,
Dan bevend-bange
In de avondstilt
Maar, laas, niet acht ge,
Ai, waarom niet?
Mijn zielsverdriet;
En spotziek lacht ge,
Went 't zangzoet lied
Der luite…
Beeld uit het verleden
poëzie
3.0 met 9 stemmen
1.578 Ik mocht haar handen kussen, sprakeloos.
Mijn handen slopen langs haar slanke voeten.
Zij zag mij aan, daar was in dat ontmoeten
van onze blikken iets genadeloos.
Haar blik zei neen: met zekerheid, niet boos -
haar mondje lachte wijl ze mij deed boeten
mijn overmoed, en 't was een wreed verzoeten
van een heel lange en even bittre poos.…
In de tuin
poëzie
4.0 met 15 stemmen
2.836 Gelderse rozen met hun koele
Ballen lichten de hemel toe.
Seringen waaien paarse zoele
Geurige schaduwen, gril en moe.
Aan tengre boompjes, haast nog schuil,
De witte zuiverheid der rozen;
Midden in hun half open tuil
Besluiten zij hun schuchter blozen.
In de doorgonsde donkerheid
Van 't honinggeurende prieel
Is 't zoet te toeven voor…
Een man die, moe en levens-mat
poëzie
4.1 met 8 stemmen
3.139 Een man die, moe en levens-mat,
en liefde-leeg, en zorgen-zat,
zijn avond-maal bereidt:
hij roert de melk, en breekt het brood,-
waar hij van leven of van dood
verlangen kent, noch nijd;
- hij ziet de gulden hemel aan,
en voor zijn stoep de sparre staan
waar 't laatste licht in straalt
éen poze nog, éen warige poos,
'lijk in zijn hoofd…
Hoog op de kaap
poëzie
4.0 met 16 stemmen
2.429 Hoog op de kaap, waar zich te pletter stoot
De storm, staat 't kustlicht; en zijn rondblik glijdt
Ontzaglijk over zwarte oneindigheid,
Vol hoorbaar hunk'rende, onzichtbare dood -
Een heerser, wiens rustige zekerheid
Tegen zijn gunsteling, de verre boot,
Dwars door kanonnades uit wolkenvloot
Schertsend knipoogt om hun vergeefse strijd.…
EGO FLOS
poëzie
3.7 met 24 stemmen
4.240 Ik ben een blomme
en bloeie vóór uwe ogen,
geweldig zonnelicht,
dat, eeuwig onontaard,
mij, nietig schepselken,
in 't leven wilt gedogen
en, na dit leven, mij
het eeuwig leven spaart.
Ik ben een blomme
en doe des morgens open,
des avonds toe mijn blad,
om beurtelings, nadien,
wanneer gij, zonne,…
HET LIJK
poëzie
3.7 met 27 stemmen
10.716 Mijn lieve kinders, schrik toch niet,
Wanneer gij dode mensen ziet;
Zoudt gij voor lijken beven?
Kom hier: dees bleke koude man,
Die voelen, zien, noch horen kan,
Houdt nu niet op te leven.
Hij denkt en werkt – ja meer dan gij;
Maar met geen lichaam zo als wij.
De ziel is weg van d' aarde.
Die God, die hij hier heeft gevreesd,
Is bij…
Gij zijt niet slecht geweest
poëzie
3.4 met 18 stemmen
3.201 Gij zijt niet slecht geweest: gij waart slechts zwak,
Om niet in Mij te g'loven, die u liefde.
Gij waart een kind, dat àl zijn speelgoed brak,
Wanneer het langer niet zijn speelgoed b'liefde.
O, kind.... IK wàs geen kind! IK ben 't, die kliefde
Dit mijn schoon hoofd, zo sterk eens, tháns zo wrak,
Omdat ik niet met mijne grote Liefde
Alleen…
Het geschenk
poëzie
4.2 met 72 stemmen
18.708 I
Hij trok het schuifken open,
Het knaapje stond aan zijn zij
En zag het uurwerk liggen:
'Och, Grootvader, geef het mij!'
- 'Ik zal 't u wel eens geven,
Toekomende jaar misschien,
Als gij wel leert en braaf zijt,'
Zei de oude, - 'wij zullen zien.'
'Toekomend jaar!', zei 't knaapje,
'O, Grootvader, maar dan zoudt
Ge lang…
Duif en sperwer
poëzie
3.6 met 15 stemmen
2.936 "Mijn God" - zo sprak de duif - "is innig zacht,
Heeft donzen wieken, en bemint ons allen;
Almachtig, heerst hij over duizend-tallen
En houdt op ieglijk duifje trouwe wacht."
De sperwer sprak: "Mijn God heeft vlucht en kracht,
En kan op eens uit hoger luchten vallen,
En die Volmaakte laat een juich-kreet schallen,
Wanneer zijn schone…
Verlangen
poëzie
3.4 met 39 stemmen
7.710 Meenge mooie meid heeft door de domme, lange nacht,
naar het naakte bijzijn van de minnaar smartelik getracht,
zij heeft in de grote leegte van haar wit bed, de peluw gekust,
als wilde ze zijn matte hoofd in rust gesust.
Haar hoofd was ongerust te midden van de wilde harengeur,
haar armen grepen, bang begeren, om 't onzekere genot
dat zich…
LAO TSE
poëzie
4.1 met 15 stemmen
4.818 ‘ Die het weten spreken niet,
Die spreken weten het niet.’
Deze woorden, werd mij verhaald,
Zijn door Lao Tse uit de stilte vertaald,
Hoe weten wij dat hij wist?
Twaalf boeken schreef de wijze,
Heeft hij zich dus vergist,
Die ons het pad zou wijzen?…
Spes mea fumus est
poëzie
3.8 met 6 stemmen
1.968 Wijl ik dus zit en smook een pijpje aan de haard
Met een bedrukt gelaat en d'ogen naar de aard',
d'Een elboog onder 't hoofd, zoekt mijn gedacht de reden,
Waarom 't geval mij plaagt met zo veel straffigheden.
De hoop daar op, (die mij vast uitstelt dag aan dag,
Schoon dat ik nooit iets goeds van al mijn hopen zag)
Belooft mij wederom haast…
De taak
poëzie
4.0 met 1 stemmen
1.350 O, zeg mij wat ik doen moet, zie
De volheid van mijn kracht ontbloeid,
Betast mijn spieren, buig mijn knie,
Voel hoe mijn wang van aandrift gloeit,
Zegen mijn morgen met een taak,
Gun mij een denkbeeld, geef mij stof,
Dat ik mijn kamer klinkend maak
Van zang en arbeid tot Gods lof.
Misschien dat later in een oord,
Dat soms een schone droom…
Nijdige Tijd, waarom is 't dat gij u versnelt
poëzie
4.0 met 46 stemmen
8.504 Nijdige Tijd, waarom is 't dat gij u versnelt
Meer dan gij zijt gewoon? Laat gij het u verdrieten
Dat ik de Hemel van Liefs bijzijn mag genieten?
Wat schaadt u mijn geluk dat gij u daar in kwelt?
Een grijsaard zijt gij, Tijd, en proefde nooit 't geweld,
Van 'tgene, dat ze Liefde en zoete Weerliefd' hieten.
Helaas, de tranen blank over mijn…
DE LEZENDE
poëzie
3.3 met 17 stemmen
4.838 Zij leest; haar ziel blijft aan de bladzij hangen.
Zij laat zich leiden naar het dromenland,
schier ademloos, met vonklend oog en wangen,
waarop de blos der rode rozen brandt.
O zomerzon! o gloed der minnezangen!
Het liedrenboek ontglipt haar blanke hand.
Daar heft zij ’t op en drukt, vol wild verlangen,
haar rode lippen op de rode band.…
Poëzy
poëzie
3.3 met 22 stemmen
7.816 Wat geeft de Dichter roem? Wat leven aan zijn schriften?
Wat voert zijn naam, zijn werk, naar 't late Nageslacht?
Is 't schildren der Natuur? Is 't prikklen van de driften?
Is 't trots gezwollen toon, waar hij die roem van wacht?
Neen, 't is gevoeligheid: 't is diep en waar gevoelen,
En dit der ziel ontstort in kracht van zuivre taal;
Niet…