GRAFGEWELF
poëzie
3.5 met 19 stemmen
2.375 De stenen steunen 't geweldig gewelf.
En het gewelf grijpt machtig elke steen.
Geen Uur. Geen Tijd. Over mijn siddrend Zelf,
Waaien de stormwinden der eeuwen heen.…
Adieu
poëzie
3.6 met 9 stemmen
3.157 Ik ben niet meer met u alleen
en op de peluw is er geen
o lieveling, die lot en leed
zo onafwendbaar zeker weet.
Geef mij uw mond en zie mij aan:
lang voor de zon, lang voor de maan
verzinken in de wereldmist
zijn onze namen uitgewist.
En wat mijn hand te strelen vond
zal liggen in de wintergrond
en wat mijn stem aan u bescheen…
ZESTIGSTE VERJAARDAG.
poëzie
4.0 met 3 stemmen
3.774 „Ben je zestig?” Ja, ik ben ’t;
Ik beken ’t;
Kan ik ’t wel ontveinzen?
’t Haar mijns hoofds is dun en grijs,
En (dat maakte ik niemand wijs)
Niet slechts van gepeinzen.
Ook van bange zorgen niet
Of verdriet,
Schoon ik ’t leed wel kende;
Maar, wat immer zij gebeurd,
Niet een smart, die hooploos treurt,
Niet het hartzeer, dat verscheurt…
LIEFDEWRAAK
poëzie
3.7 met 19 stemmen
8.531 'Ha! weet ge 't niet, wat kanker woedt
In 't lang miskende hart,
Als liefde 't vuur der wraak ontsteekt,
En misdaad groeit uit smart?'
Zo zong weleer de droeve luit
Van wijlen Van der Vliet.
- Wie, die wat doet aan belletrie,
Kent zijn gedichten niet? -
En, o, zijn luit had wel gelijk,
Er is geen twijfel aan:
Als 's jonglings liefde…
Het huisje in de duinen
poëzie
3.7 met 20 stemmen
4.541 Het scheepsvolk lichtte de ankers
En hief een kreet van heil;
Het schip schoot door de golven;
De zeewind zong in 't zeil.
Hoog, in de top der masten,
Stak ene kleine hand
Vooruit, door vlag en zeilen,
Naar 't verre vaderland.
Daar zat de jonge scheepsknaap;
Een lach zweefde om zijn mond.
Och! hij dacht aan zijn huisje
Dat in de duinen…
Vers per 7 juni 1951
poëzie
3.3 met 174 stemmen
121.838 Bedoel je Josje met de kleine ogen?
Nee, met de grote.
Bedoel je Josje met de schelle stem?
Nee met de mooie.
Bedoel je Josje met het haar dat naar niets ruikt?
Nee, met dat fijn ruikt.
Bedoel je Josje aan wie je nooit denkt?
Nee, aan wie ik altijd denk.
Bedoel je Josje, die nooit Engelse woorden wil opschrijven?
Nee, die dat…
De Dokter
poëzie
3.9 met 10 stemmen
1.622 God is de medicijn
Voor doodlijk hels venijn.
Is 't leven machteloos en krank
Men neemt een vieze of bit're drank,
Of 't lichaam weder mocht genezen:
Waarom dan voor een korte tijd,
Niet aangevaard wat bitterheid,
Om eeuwiglijk gezond te wezen.…
BAZAAR
poëzie
3.8 met 16 stemmen
2.842 De donkere Bazaar met zijn straten.
En ieder winkeltje een warme nis.
Daar zitten de kooplieden zó gelaten
Of handel wijsheid is.
-----------------------
Kwatrijnen (1924)…
Zwanenzang
poëzie
3.3 met 15 stemmen
4.125 Is ‘t waar dat ik, in langvervlogen dagen,
Geloofde in dromen en een dichter was?
Dat jonge meisjes met mijn verzen lagen
Zich te verzadigen, eenzaam in ’t hoge gras?
Waarom wil geen mij, eenzaam nu, hergeven
Wat van de liefde, aan hun bloei verloren?
Nu ik verminderd ben, na zoveel leven
Nog zelfs niet zeggen kan: ik ben geboren.
Is de…
Zondagmorgen aan het strand
poëzie
3.4 met 11 stemmen
3.957 Blauw wolkloos welft zich de hemel
Boven de wijdgestrekte zee.
Van zongloed wemelt de tintlende dampkring;
Parelkleurig rust het zeevlak,
Ongerimpeld, zilverglanzend;
Aarde en hemel vloeien ongescheiden ineen.
Meeuwtjes, duiven der zee, zittend op 't spiegelende vlak,
Dromen van eeuwige vrede,
Spartlend gaapt een visje even boven.
Ginder drijven…
BEKENTENIS
poëzie
3.3 met 11 stemmen
3.160 ‘Zo immer met ons tweeën,
Vrouwlief, in paradijse rust,
Der wereld vreemd, en onbewust
Van hare kampen, hare weeën…
Dat ware een leven vol van lust,
Met ons tweeën!’
Zij sprong mij op de knieën,
En zag mij aan, zo zoet, zo teer!
En sloeg dan weer hare ogen neer,
Als wou ze mijne blik ontvlieên…
En fluisterde, zo zoet, zo teer:
‘Met ons…
Blauwe ogen.
poëzie
2.0 met 4 stemmen
2.136 't Was blauw, niet het blauw van vergeet-mij-niet,
Bescheiden, zwijgend en bleek;
Ook niet het blauw van lobelia's,
Aan d' oever der rustige beek.
't Was ook niet het blauw van de zomerlucht,
Schoon dit van de hemel vertelt,
Zelfs niet van de lucht in het meer weerkaatst,
Waar 't zacht in de golven versmelt.
't Was vreemder…
Oorlog teistert
poëzie
3.5 met 24 stemmen
2.914 Oorlog teistert. Alleroorden
Loert de dood op buit.
Krachtigen schrikken, heiligen moorden,
De wereld roeit haar eigen uit.
Arbeid, armoe, ziekte en zorgen
Verdwijnen voor de éne angst.
De dagen duren, de nachten langst;
Wat brengt de morgen?…
Stille nacht
poëzie
3.6 met 10 stemmen
2.705 Er zijn zo hoge tonen
en zo lage
Dat mensenoren
Ze niet horen.
Mogelijk wonen
In bos of hage
Vogels voor ons verborgen
Zingende tot in de morgen.…
Staaltjes van IJdelheid
poëzie
3.8 met 10 stemmen
2.827 Nos poma natamus
Zo hopen dwaze paardenvijgen,
Die, daar ze in 't stinkend stalvocht staan,
In hun vermeet'le drekhoop-waan
Hun afkomst onbeschaamd verzwijgen
En zweren dat ze uit zwemmen gaan,
Door al dat graad'loos bluffen slaan
Tot hoger glorie nog te stijgen,
Een eretitel te verkijgen,
En, recht met 's Landsheers bruiloft…
BLOOTAKKER
poëzie
4.3 met 6 stemmen
3.203 Geen één blad op de bomen! Af
is alles; vóór de vlagen
gevallen onder voet en van
de winden weggevaagd,
het schilderschone aanschouwen, dat
het bonte najaar draagt:
noch wit en zijn, noch groene meer,
de scherpe dorenhagen.
‘k Zie heinde en verre, deur end deur
de velden nu, de kerken,
de huizen en de hoven staan,…
Zijn dood
poëzie
3.2 met 16 stemmen
3.844 O God ! nu is mijn liefste dood,
Mijn leeuwriklied, mijn morgenrood,
Mijn zonnestraal, mijn lentevreugd,
De blonde liefste van mijn jeugd!
Ik heb zijn eenzaam graf bezocht.
Dat was een lange, bange tocht.
Mijn hart, dat sloeg en joeg mij voort,
Als wachtte ginds zijn liefdewoord.
Ik vond de plek, de grond was week...
Daaronder slaapt hij…
Het verstandig antwoord
poëzie
4.0 met 13 stemmen
6.229 Gij vraagt mij, waarom ik aan God gehoorzaam ben?
't Is daarom, dat ik Hem als wijs en goed erken.
Hij heeft aan ons zijn wet uit liefde alleen gegeven.
Opdat wij vergenoegd en vrolijk zouden leven;
En al wat ons die wet verbiedt,
Is, hoe, 't ook schijnen mag, ten onzen voordeel niet,
Wil iemand dan gelukkig wezen,
Die leer gehoorzaam God te…
Frits en Kee
poëzie
4.0 met 40 stemmen
6.451 Moderne ballade
Zij heette Kee. Hij schreef zich Frits.
Zij zag wat scheel. Hij liep mank.
Een englenpaar. Maar zij erg bits,
En hij verschriklijk aan de drank.
Zo woonden ze in een lekke schuit,
Als twee marmotjes in hun hol.
Geregeld schold zij hem de huid
En dronk hij zich met bitter vol.
De tijd vliegt snel, vooral wanneer
De liefde…
EEN VOGEL KWAM...
poëzie
4.3 met 23 stemmen
3.745 Een vogel kwam mijn kamer ingevlogen,
Heel vertrouwd heeft hij zich over mij heen gebogen.
Hij fluisterde dat de dood hem zond,-
Ik antwoordde niet, want ik verstond.
Koninklijk zette hij zich aan mijn zijde,
Zijn wieken terneer, als een mantel van zijde,
Hij scheen zich te verblijden in zijn pracht,
En ook over de boodschap die hij bracht.…