Het knaapje in het bos
poëzie
3.1 met 13 stemmen
1.658 Het knaapje had gelopen
De ganse dag in 't bos;
De slaap heeft hem bekropen
Daar op het groene mos.
Toen daalden uit de bomen
De eekhorens naar beneên;
De hazen zijn gekomen
En dansten om hem heen;
De dartle reetjes speelden
Om hem in struik en riet;
De lieve vogels kweelden
Hun allerzoetste lied.
Maar niemand stoorde…
AFSCHEID
poëzie
3.2 met 170 stemmen
28.900 Slaap met het donker, vrouw
slaap met de nacht
ons diepst omarmen
heeft de droom omgebracht
donker en zonder erbarmen
zijn bloed en geslacht
slaap met het donker, vrouw
slaap met de nacht.
--------------------------------------------------------
uit: Verzameld werk (1899-1940)
Deel 1: Poëzie. Amsterdam/Bilthoven, 1938.…
Nimmermeer
poëzie
3.4 met 5 stemmen
1.218 Ik wind de wollen sjaal zo warm
Haar om de schouders, buig mij neder
En kus haar; leunend aan mijn arm
Loopt zij de herfstlaan heen en weder.
Had ik haar ogen toegedrukt,
De handen op haar borst gevouwen,
En lag ik voor de steen gebukt
Waarin haar naam stond uitgehouwen,
Zou zij niet zó verloren zijn,
Zó hooploos voor mijn hart gestorven…
'k Vraag niet, of mij de eindeloze vreugde wacht
poëzie
2.9 met 23 stemmen
3.302 'k Vraag niet, of mij de eindeloze vreugde wacht
Van een volmaakte dag,
Maar, of ik eenmaal in de stille nacht
Voor eeuwig slapen mag.
Mijn lusteloosheid
Schijnt bewusteloosheid,
Genoeg genot;
En eeuwig leven schijnt mij eeuw'ge rusteloosheid....
Leer Gij 't mij beter, God!…
OORDEEL NIET!
poëzie
3.7 met 3 stemmen
1.820 Wees in ’t oordeel niet lichtvaardig,
Gij, die struikelt waar gij gaat!
Vraag, eer ge andren liefdloos smaadt,
Welk een vonnis ben ík waardig?…
De tweede vrouw
poëzie
3.6 met 22 stemmen
4.287 Ik was der kinderen tweede moeder,
En als ik in de woning kwam,
Daar stonden ze allen rond hun vader,
Gelijk de scheutjes rond de stam.
Hij zette 't kleinste op mijne knieën,
En lei zijn handjes in de mijn,
En zei, dat het mij lief zou hebben,
En dat het zou gehoorzaam zijn.
Ik ging er mee aan 't open venster,
En toonde 't schaapje…
Kennis I
poëzie
3.4 met 22 stemmen
3.187 De dieren, onze vreugde- en leed-genoten,
Zijn onze broeders, maar niet, zoals wij,
(Daar zij ons niet beheersen kunnen) vrij;
Hun leven is, als 't onze, uit stof gesproten.
Dit weten wij, maar 't is ons niet ontsloten,
Niet of zij weten van der stof waardij.
Zij denken en herdenken; nochtans, zij
Vermogen…
Hem die mij grof beledigt
poëzie
4.0 met 13 stemmen
6.181 Hem die mij grof beledigt,
Mij overlaadt met schand
En openlijk mij belastert,
Hem reik ik de broederhand.
Maar die mij voorkomend bejegent,
Die mij aan zich verplicht
En zich mijn vriend durft te noemen,
Die spuw ik in 't gezicht.
---------------------------------
Immortelle LXXXIII (1878)…
Als liefde van een aard'ling aan dorst randen
poëzie
3.3 met 19 stemmen
1.801 Als liefde van een aard'ling aan dorst randen
De lichtgestalte van een hemeling,
Je weet, dat zij tot nevelbeeld verging,
Tot hoon rondom heet hunkerende handen:
Zo dacht je dat, toen - lucht'ge zweveling -
Je om mij de rust verliet van effen landen,
Ik jou applaudisserend op liet branden,
Verijlend zelf tot vlucht'ge neveling.
Voor …
Het gebrek in Chloris
poëzie
3.1 met 29 stemmen
8.119 Natuur gaf aan mijn Chloris
Haar allerschoonste gaven.
Zij gaf haar schone leden,
Zij gaf haar tintelende oogjes,
En blosjes op de wangen,
Zij gaf haar, trots der mannen,
Een vlug vernuft, en oordeel.
In ’t kort, zij gaf haar alles,
Wat maagden kan versieren.
Maar jammer is ‘t – zij weet het!
--------------------------------------------…
DE ZOEKER TOT ZIJN ZIEL
poëzie
4.5 met 2 stemmen
1.095 Nu ik me in 't reinst van de nacht
Met U vereenzamen mag,
Uit zich mijn twijfel als klacht
Gaf ik genoeg U deez' dag?
Werd mijn geduld en mijn daad,
Al wat ik derfde en dorst,
Sier voor Uw leest en gelaat
Lieflijk juweel op Uw borst?
En het geloof in de droom,
't Schoon waar de zoeker naar zucht,
Kroont het Uw lover, o boom,…
Jantje
poëzie
3.9 met 18 stemmen
4.272 Jantje kwam
Van Amsterdam.
Veel had Jantje te vertellen;
Jantje was zo machtig wijs,
Dat zijn borstje scheen te zwellen,
Of hij kwam van 't paradijs.
Jantje droeg
Vast moois genoeg:
't Was een jasje van fijn laken;
't Was een hoedje, rijk van glans;
En hij dacht jaloers te maken
Al de vrijers, al de mans.
Jantje zag
Met witte lach…
Eenzaamheid
poëzie
3.1 met 43 stemmen
7.966 Denk niet, lieve speelgenoten!
Dat de tijd mij heeft verdroten,
Toen ik gistren zat alleen.
Die vermaak heeft in het lezen,
Hoeft geen eenzaamheid te vrezen.
Maar is altoos wel tevreên.
Vader zegt, dat brave mensen
Dikwijls naar die uurtjes wensen;
Dikwijls naar hun kamer gaan,
Om in oude en nieuwe boeken
Wijze lessen op te zoeken:…
Geen luid geluid
poëzie
4.7 met 6 stemmen
1.905 Geen luid geluid, geen luid geluid
De winter vriest de vreugden uit.
Maakt grond en sneeuw en harten hard
en al de bomen zwart
De hutten staan zo kil en stil
alsof haar elk gesloten wil
daarbinnen dringt de koude maar,
daar uit de dodenbaar
Gebogen hoofds, vereenzaamd droef
Een moeder die haar kind begroef
Sluipt wanhoop d' aarden straten…
Nacht
poëzie
3.4 met 26 stemmen
2.791 De tastende ontucht van uw teedre handen.
Het duister...geur van rozen en van wijn.
Morgen zal wroeging weder wreder branden.
Maar heden: laat ons zalig zijn.
-------------------------------------------
uit: Kwatrijnen (1924)…
Vóór de deur.
poëzie
3.6 met 9 stemmen
2.092 'k Had haar zo graag nog eens,
Voordat zij ons verliet,
Goênacht gekust. Zij zeiden:
‘Beter niet.’
Zwaar, door hun zacht vermaan,
Sloeg mij hun medelij;
Niet zien.... Nooit meer.... En toch
Zó dichtbij.
Toch: ‘Beter niet’. - Dat woord
Grijnst me overal nu aan.
..... O, had ik
Niet verstaan!
-------------------------------------
uit…
'K zie nu al hoe 'k, als jij gestorven bent
poëzie
4.2 met 23 stemmen
2.305 'K zie nu al hoe 'k, als jij gestorven bent,
Zal zitten, kijkend naar je stil gezicht;
Wel vol verleden, toch pijnlijk verlicht,
Dat jij ten minste geen verdriet meer kent.
Mijn handen zullen, vroeger lang gewend,
Van zelf aaien je haar, waar levend ligt,
Als vroeger, nog het diep glanzende licht,
Dat uit de dood mij jouw vergeving zendt.…
Dionyzos-Studiën III
poëzie
3.0 met 21 stemmen
6.248 Nu, lachend, speuren mijn begerige ogen
Naar iedre sater, die ik, marmer zie,
Beschonken, neergezonken op één knie,
De wijnzak drukkende; dra zat gezogen,
Loert naar een nymf hij met zijn scheel gespie:
Zijn dronken vingers bootsen, lustgebogen,
Krambevende haar lichaam na: gedogen
Zal hij het nooit, dat zij hem snel ontvlie.
Zijn lach grijnst…
Waarom uw blik...
poëzie
4.1 met 8 stemmen
2.103 Waarom uw blik mijn blik niet boeit?
Waarom uw lach mijn lach niet wekt?
Waarom niet heel mijn hart ontgloeit
bij 't schittren van de reinste schatten
dat elk gemoed naar 't uwe trekt?
Eens zwom mijn ziel, als uwe ziel,
in wondre wonne en zonneschijn;
maar 't leven kwam, de sluier viel,
die 't al met toverwaas omschemert,
en naakt bleef…
DE GLIMWORM EN DE PAD
poëzie
4.0 met 1 stemmen
1.261 Een fabel
Vonk'lend door het loverduister,
Zelf onkundig van haar luister,
Licht-ster van de klavergrond,
Doolde een glimworm in het rond.
Uit het zwabbrig slijm gekropen,
Stort een pad, met vuil bedropen,
Op die fel gehate schijn
't Onweerstaanbaar moordvenijn.
‘Waarom doodt in arren moede,
Waarom doodt mij uwe woede,
Daar 'k u nooit…