Grafbloemen
poëzie
3.1 met 7 stemmen
1.773 Maagdepalm en rozemarijn
Tooien het graf van een maagdelijn.
Maar uit het graf van een bloeiende vrouw,
Rijzen drie rozen in bloedige rouw,
Rijzen drie rozen als bloed zo rood:
Twee uit haar boezem en éen uit haar schoot.
't Graf van een moeder, op stengelen slank,
Wiegelt drie leeljen als engelen blank,
Wiegelt drie…
AAN MIJN ENGEL
poëzie
2.7 met 9 stemmen
1.962 O huis, dat ik ten leste heb gevonden,
Dat ik zo lange jaren heb gezocht,
Dat gij met liefde hebt gewrocht
En waar ik ben genezen van mijn wonden.
Met welk een smaak hebt gij dit al vermocht?
Gij hebt de schoonheid met het nut verbonden,
Het leed, dat ons van jaar tot jaar bezocht,
Is thans in deze rust geheel verzwonden.
Het huis is hoog…
Eersteling
poëzie
3.3 met 7 stemmen
1.994 Klein handje klopt in diepe nacht
Aan 't venster zacht,
Aan 't venster zacht,
Vraagt: ‘Mag ik binnenkomen?’
Legt bei zijn vleugeltjes buiten af,
En heeft het plaatsje dat men hem gaf
Gauw ingenomen.
Moe zwervertje - na reize - ligt
Met ogen dicht,
Met ogen dicht
In vaste slaap gevangen,
Maar, glanzend door de nêer oogelêen…
Bekentenis
poëzie
3.7 met 21 stemmen
5.090 Wij zijn ijdele mensen,
Verward in ijdele strijd -
Wij rekenen met wensen
En nooit met een werkelijkheid.
Doch in elk eerlijk leven
Komt toch een ogenblik,
Waarin wij ons overgeven
Aan ons eigen stille ik;
Waarin wij de waarheid kennen
En haar niet meer ontvliên -
En zwijgende bekennen
Wat wij nooit wilden zien.…
LENTESTOET
poëzie
1.9 met 7 stemmen
1.649 In wijde wonderhallen van het woud
Hoor 'k hel-op tuiten klinkende muziek.
Nu buigen blad en bloesem naar beneên
Om háár te spreiden luchte baldakijn,
Haar, die aan 't hoofd van 't zuiver-spelend koor
Ten bos in schrijdt, de lentekoningin.
Zij streelt het sterrenmos met lichte tred,
En tovert met haar ogen teed're glans
Op 't schuchter-wuivend…
Als een zang
poëzie
4.1 met 8 stemmen
2.324 Als een zang die langzaam en machtig wiegt,
Uit de verte aansuist en dan weer vervliegt,
En op nieuwe wind
Me nauwer omwindt,
Hoor 'k steeds het geruis van de zee.
Waar ik ben.... ik wandel langs zonnestranden,
Alleen met het ruisen der baren die branden,
Zachte branding die schuimt
Naar de guurklare ruimt',
Witte ontrolling…
Lina
poëzie
3.5 met 12 stemmen
3.004 Zeg Lina, waarom toch zo somber en stil?
Of broeit er in 't hoofdje een grap of een gril?
Maar 't oog is bedauwd en de boezem niet rustig
Gij, anders zo lustig!
Nooit kendet gij zorgen - gij hebt slechts uw wil ...,
Zeg Lina, waarom nu zo somber en stil?
Wat nevel zweeft u voor het jeugdig gemoed?
Wat kluister weerhoudt u de hupplende voet…
Kinderen
poëzie
3.5 met 10 stemmen
1.840 In het betoverd bos
Slapen de kindren,
Zacht valt de vrucht op ’t mos,
Om niet te hindren;
Ver over stad en land
Zwijgen hun stemmen,
Ach, en geen kleine hand,
Die wij omklemmen;
Had ik een reine mond,
Waren mijn vlekken
Bloed uit een edele wond,
IK zou ze wekken.…
NATURA CONSOLATRIX.
poëzie
3.0 met 8 stemmen
1.248 Hier rust ik ver van 't woelig mensenras
In macht'ge zuilengangen van het woud,
Met dak van wiss'lend groen, doorwrocht met goud,
Hier op het mollig, mosrijk lentegras.
Hier is geen mensgeknoei, geen misgewas
Van zwetsers, op gelogen kennis stout,
Geen huich'laars, die der waarheid zuiver goud
Besmetten voor wat hùn tot voordeel was.…
Herinneringen zingen, kind
poëzie
4.0 met 4 stemmen
1.762 Herinneringen zingen, kind, uw wit gelaat,
en 't zoet verhaal van úwe dagen en míjne dagen
die vredig in ons leve' als stille tuinen lagen
in 't tere licht van late schemering gebaad,
wijl d'hemel is om tuine-groen een stil gewaad
van trage, kalme schaduwen, en de bomen dragen
een laatste vogel-stem van lang-verglooiënd klagen
dat kwijnt…
VERLANGEN
poëzie
3.4 met 7 stemmen
3.799 Ik zegen u, verlangen,
Nu diep mijn blik begrijpt
Hoe rozenknop door zonne
tot roze rijpt.
Dat leerde ik uit uw ogen:
Die deden stil-spontaan
Bloesems van jong begeren
Wijd open gaan.
Zó hebt ge, zonder woorden,
Aan mij 't geheim verteld
Hoe de ene mensenziele
In de andere smelt.
Want als ik, schoon van liefde,
U lang in de ogen…
Biecht
poëzie
2.5 met 6 stemmen
2.080 Priester der bossen,
Thans wil 'k verklaren
Al u mijn zonden,
De lichte, de zware
Boven de pijnen de zonnegoudpracht,
Oordeel mij zacht.
Wonder verward weer,
Voel 'k mijn geheugen:
„Liefde, gij Godheid —
Liefde, gij leugen,
Tot uwe diensten ben ik altijd
Lachend bereid.—…
Avond aan de Amstel
poëzie
2.8 met 8 stemmen
2.474 Een rand van flauwend rood omzoomt de kimmen;
Hoog wijkt de lucht in eindloos ambergrauw;
De vlakte zwijmt; de vochte neevlen klimmen,
En overvloeien de landouw.
Zij glijen voort waar, 't laatste licht weerstralend,
De wereldstad, de bruid der waatren, troont;
Haar huizenrijen nog met rooskleur pralend,
Haar koepels nog met glans gekroond…
O nachten van gedragene extase
poëzie
3.0 met 4 stemmen
2.973 O nachten van gedragene extase
en diep gedronkene verzadiging,
als elk met zijn geluk te rade ging
en van alleenzijn langzaam wij genazen.
Te denken de ononderbroken uren
aan de volkomen overvloed van dit
verwezenlijkte; onvervreemd bezit,
dat blijven zal en ongeschonden duren;
het onbesefbare van deze gave
van ene andere en die naast…
FLUITSPEL
poëzie
4.0 met 9 stemmen
1.531 Toen heb ik uit holle rieten,
Speelman, die ten dans komt noden,
Troostend melodie doen vlieten,
Want ik weet de gang der goden;
Hoe zij eerst de onbewuste,
Sluimerend als gesloten kelken,
In de kuise boezem rusten,
Dan ontluiken en verwelken;
Wee, dat tranen wekt en zuchten,
Wie toch kan het heil begrijpen,
Dat beloofd wordt door het…
Nachtegalen
poëzie
3.8 met 6 stemmen
2.056 Ik leef in nacht, maar mane-schijn is buiten,
Die leeft in twinkelende vogelen-slag,
Ik zie hem schijnen door de onzichtbre ruiten,
Ik wacht, maar ik verlang niet naar de dag
Ondergedompeld wezend ganslijk, ach!
In dit zwart meer, o liefelijk geluid en
Wat uit zwart donkere spiegel òp komt fluiten,
Licht-lieve volk in wat àl duister…
Mager paardje
poëzie
2.5 met 11 stemmen
3.002 Mager paardje, jaag maar:
De steppe is eindeloos breed,
De vliegen steken in je flanken,
De stenen je zere hoeven,
Je mag nooit stilstaan en drinken
En de zon is zo hard en zo heet.
Smal scheepje, vaar maar:
Eindeloos is de zee,
Al trillen je moede masten,
Al heb je te zware lasten,
Toch mag je in geen haven rusten
En aan '…
Nooit glijdt een verstandig woordje
poëzie
2.6 met 21 stemmen
8.024 Nooit glijdt een verstandig woordje
Van die rozenlipjes dijn;
Die moeten maar zonder pozen
Aan het schertsen en kussen zijn.
Die moeten maar altoos lisplen:
`Jij bent de liefste mijn!'
Maar meen je dan, dat dit immer,
Mijn schatje, genoeg zal zijn?
Ga ik aan het redeneren,
Dra ben je het luisteren moe;
Stil geeuw je achter je…
De kleine bedelaarster
poëzie
3.0 met 5 stemmen
2.763 Ik kom uit mijn dorpje: ik kom om wat brood;
Ik dool door het slijk en de slibber der straten;
Mijn kleed is gescheurd en mijn voeten zijn bloot;
Mijn moeder is krank en mijn vader is dood:
Wij schreiden zo luid, maar het mocht ons niet baten.
Heb meêlij, heb deernis, mijnheer en mevrouw!
Och, sluit niet uw oren zo koel voor mijn klagen…
Kwinkslag
poëzie
3.3 met 27 stemmen
7.146 Een Schout ontbood een Boer voor 't hoge dorpgerecht,
En sprak, wel, hondsvod! guit! hebt gij van mij gezegd
Dat nooit een groter schurk, dan ik ben, is geboren?
Wie, ik? hervat de Boer: dat klinkt mij vreemd in de oren.
Neen Schoutlief! neen, men heeft jou leugens aangebracht:
'k Heb 't nooit gezeid, maar 'k heb 't wel duizendmaal gedacht…