voeg je netgedicht toe

Netgedichten

netgedicht (nr. 90.181):

Naamloos

In de slaap van een ander
draag ik mijn gezicht
als een natte doek.
De woorden: duizend kleine dieren
tegen mijn gehemelte.
Zij weten niet
waar de pit zich blindbrandt.
Men heeft mij in ramen gezet,
mijn mond met goud dichtgelood,
mijn naam verdeeld
onder de vromen.
Onder de vloer
woekert het gebeente nog.
Een varen opent zich
in de ribben van de tijd.
Jij: een sneeuwval zonder grond,
een afwezigheid die blijft rondcirkelen
tot ik, huidloos,
tegen de nacht begin te lekken.
Ik doe alsof.
Ik word bekoord
door het verdwijnen.
En ergens, diep in het donker,
roept een vrouw haar eerste naam—
maar niemand antwoordt.

... Het gedicht verbeeldt een ik-figuur die vervreemd is geraakt van zichzelf. De “slaap van een ander”, het geleende gezicht en de duizend namen wijzen op een bestaan dat door verwachtingen, religie, herinneringen of anderen is overgenomen. ...

Schrijver: bart devoldere
21 augustus 2026


Geplaatst in de categorie: emoties

Er is nog niet op deze inzending gestemd.aantal keer bekeken 6

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!

reageer Geef je reactie op deze inzending: