voeg je netgedicht toe

Netgedichten

netgedicht (nr. 90.766):

De geur van schoenpoets (Barbarossastraat 1968)

We daalden dikwijls diep af in ons gewelf van zelfgenoegzaamheid
Zochten zuchtend naar de graal van het leven
Terwijl onze hospita, een schuwe schaduw van een vrouw,
Onhoorbaar aan onze deur klopte met haar zwabber van zorgzaamheid
De keldergang moest geschrobd, de voetstappen uitgewist
De toekomst duldt geen verleden
 
Soms betrapten we haar in onze kamers
Waar ze nietsvermoedend het neergedwarrelde denkstof opzoog
Maar vaker hoorden wij zachte geluiden wegsterven in de gang
Bang als ze was ons met haar aanwezigheid te storen
 
Er was die keer, de ommekeer, een keerpunt in haar leven
Midden in de nacht vierden we onze zegetocht met liters bier en emmers branie
We hesen Harry op het schild en lachten om des keizers baard
Toen klonk de klop op de deur, een omfloerst geluid
          dat nauwelijks doordrong tot ons benevelde brein.
‘Hebben jullie dat ook gehoord?’
Zijn waterige pretoogjes en wankele stap voerden hem naar de deur
In de scharnieren schuurde het noodlot
dat wij, immers in de bloei van ons leven, niet herkenden
"Zou het misschien iets rustiger kunnen? Mijn man is vandaag overleden."
 
Door het trapgat tochtte de lijkenlucht omlaag
           En die verdrong voorgoed de geur van schoenpoets

... Medestudent Harry en ik huurden ieder een kamer achterin het souterrain van een herenhuis in Nijmegen. Vóór in de gang had onze hospes zijn kantoor. Hij was secretaris van de katholieke schoenmakersbond. ...

Schrijver: Jacq Zinken
5 november 2026


Geplaatst in de categorie: overlijden

4.0 met 1 stemmen aantal keer bekeken 3

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!

reageer Geef je reactie op deze inzending: