De kaaiwerker
Nu ligt de lucht
stil in de haven.
Boten ademen
tegen de steiger,
alsof haast hier
nooit heeft aangelegd.
Onder het water
schuift een oud ritme.
Touw langs paal.
Een plank die kraakt.
Een zak graan
tegen een schouder.
Tarwe.
Uien.
Aardappelen.
Steeds dezelfde oversteek
tussen wal en schip.
Op vrachtbrieven
bleef soms een vak leeg.
De goederen gingen verder;
de handen verdwenen
in het lossen van de dag.
Zijn taal was geen taal van woorden,
maar van evenwicht:
een schip dat helt,
een voet die zoekt,
een last die precies moet vallen.
Later kwamen wegen.
Motoren namen
het ritme over.
Loopplanken verdwenen.
De schouders
werden licht.
Toch strijkt de wind
nog langs de oude kade.
In het water
beweegt iets na:
een dorp,
eeuwenlang gedragen
door mannen
die nauwelijks
een spoor
achterlieten.
16 juli 2026
Geplaatst in de categorie: mannen

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!