Een hoogst noodzakelijk tafereel
Lusus bouwt een hut met
drie hazelaarstokken en wilgentenen
naast het houten bruggetje,
waar een dwarsbalk helt naar
het krioelend spiegelen van glas.
Roeiend vangt hij de klanken.
plompverloren rond zijn speeleend.
Waarom bungel je, Ianus?
Ondersteboven tussen
twee roestige spijkerkoppen
weegt hij versheid van gouden eendeneieren,
sorteert op glans.
Wachtend achter maskers tot de schalen breken,
schenkt hij zich nog een watertje in.
Memoria sprint voorbij op haar reebok.
Beitelt betekenis uit stippen en lijnen
in paleolithische grotten,
ver voor Homerus zijn dromen schudde
uit de hartvormige zaden
van het herderstasje.
Welkom in mijn onderwaterwereld,
wuift de miljoenpotige
met weidse gebaren—
ik woon hier al een tijdje.
Vergeet ook de slakkensporen niet,
uitgehold in klei,
zij die ook na morgen de zon begroeten.
4 augustus 2026
Geplaatst in de categorie: maatschappij

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!