inloggen
voeg je netgedicht toe

Netgedichten

27

netgedicht (nr. 10.001):

De Smarten der Liefde (drieluik)

Initiatie

Ik had jou daar wel zien staan,
Kijkend naar de plooien van mijn gezicht,
Maar ik had mijn blik snel afgewend,
Bang voor het vuur in jouw ogen,

Als een orakel van weleer,
Had jij je om mij heen bewogen,
Fluisterend in mijn oor, de dingen die men niet beschrijven kan,
Daarna had jij je aan mijn ziel vergrepen,

Toen was het moment eindelijk daar,
Jij had je sleutel gewillig aan mij gegeven
Jouw lichaam, dat ook wel tempel heet
En we hadden ons dronken van liefde in het veld met Seringen gelegd,

Wij zijn voor eeuwig één, had jij gedacht
Toen ik sprak over jou als Helena van Troje,
Over jou als gewijde grond, waarop ik mijn voeten moest ontschoeien,
In de minnezang die ik met een kus naar jouw oren bracht


Transfiguratie

Het loflied dat ik ooit voor jou ten gehore bracht
Is veranderd in een requiem, het beslaat reeds mineur,
Het lied van de nachtegaal, dat mij vervulde met lust,
Is veranderd in een schrijnen, een vergeten van toen,

Op die warme zomermiddag, toen we zij aan zij
Op het gras lagen, wolken te lezen
Toen had de wilde paardenbloem zijn zaad nog verstoven,
Het nieuwe leven brengend naar elders

Vandaag denk ik nog wel eens aan die tijd
Hoe jij dansend de horizon tegemoet zou gaan,
Met je volle boezem in het licht, en stiekem zou ik kijken,
Niet wetende dat jij ooit van mijn zijde zou wijken,

Het begin van jou, eindigt altijd in mij,
Maar in jou vind ik nimmer meer een nieuw begin,
De bellen luiden, dit is het einde,
En jij daalt langzaam in de koude grond neer,


Voleinding

Ik had je wel willen bekijken,
Maar mijn ogen waren zwaar geworden,
Vermoeid van een brandend hart,
Het bloed dat sneller stromen wil,

Verminkt was jij achter gebleven,
Je had je hand nog toegestoken, maar ik was verder gegaan,
Om daarna weer terug te komen kruipen,
Om nog net jouw afdruk in het zand te zien,

Jouw naam had zich zacht in de wind gelegd,
Waarop jouw lach zich verast aan mijn hart had gehecht,
De toendra van verlangen had plaats gemaakt voor een donker zwart woud,
Waarin ik immer zou verdwalen,

De vlammen van Troje hebben jou verteerd,
Bedolven onder het puin van een heiligdom,
Een neergehaalde en onteerde tempel,
Waar wij ons ooit veilig waanden.

... Het gaat hier om drie bij elkaar horende gedichten onder de hoofdtitel 'Smarten der liefde'. Initiatie (de opkomst van de liefde), transfiguratie (het hoogtepunt en het keerpunt in de liefde), voleinding (het verval van de liefde). ...

Schrijver: Gerrit Barbé
Inzender: Gerrit Barbé, 4 aug. 2014


Geplaatst in de categorie: liefde

2,5 met 2 stemmen 177

Er zijn nog geen reacties op deze inzending.


Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)