inloggen
voeg je netgedicht toe

Netgedichten

netgedicht (nr. 87.474):

Eigen Erf

============
===================
moeder zei ooit
dat alles veilig was,
juist door al het gebid,
maar ik hoorde alleen het tikken
van vergeten geesten
en loeiende dieren

de muren stoven kalk
van oude generaties,
dood en onder,
ver onder de vloer
lag het kind
dat ik had moeten zijn.

de buitenwereld klopte
aan met moddervingers—
schoolrapporten, kalverliefde,
zo eerst en diep

een vader die rook
naar zweet en zware balen

ik tekende mezelf
in twee helften:
één die lachte,
één die ik gumde
met bijtend licht.

een gloeiende kachel:
tussen adem en herinnering
zat hoop.

en ik leerde langzaam
dat mijn lichaam
een huis is,
zonder sloten,
en dat de toekomst
binnenwandelt
zoals regen dat doet—
ongevraagd,
maar noodzakelijk.
===================
============

... In 1971 kocht mijn vader een oude boerderij, een lange ambitie en droom van hem, generaties van landarbeiders, eindelijk hogerop, eerlijk gezegd door het trouwen met mijn moeder, twee keuterboerderijtjes van twee families kwamen samen daarin, ik zeg niet dat hij trouwde om het geld, het was echte liefde, maar wel met een traumabinding, de één zonder vader, de ander zonder moeder grootgebracht.
Ik hoorde het huis kraken en de koeien loeien van het kalveren, ik vermeende geesten te horen en te zien, het was een overgangstijd van kind naar puber.
Mijn opa werd opgebaard in de woonkamer, was overleden door kanker, de luiken dicht.
Dieren werden afgebeuld, geslacht, verkocht voor een grijpstuiver.
Ik, als vermeend teer zieltje, wat natuurlijk belachelijk werd gevonden, moet het allemaal maar ondergaan en aan meewerken.
Ik heb het laatste stukje meegemaakt van de oude tijd: dat is varken slachten in oktober, inmaken van groente, kuilen van aardappels, worst maken, varkensvlees en spek als ontbijt, gortepap, kippen slachten, hond uit zijn lijden verlossen, vee dat raadselachtige ziektes had, gierputten, mest spreiden, enorme varkens, trekpaarden, kroontjespennen met inkt, kerk, incest, buitenhuis, buks, ongelukken, nergens over praten, maar werken is het gebod. Uiteindelijk is na al het hopeloos geploeter iedereen dood en ikzelf ook bijna. De erfenis is verspild en verwaterd. De dieren zijn allang vergaan, uiteindelijk begrijp ik het wel, min of meer.
Bedankt voor het trauma, zeg maar, maar wie is perfect? Ik zeker niet.
Ik heb nog steeds gemengde gevoelens, het komt allemaal terug en zit diep.
Ik had liever gehad dat we daar nooit naar verhuisd waren.
===================
De school is opvallend weinig veranderd, alleen grijs en groenig uitgeslagen. Waarschijnlijk zouden dit mijn kleinkinderen kunnen zijn, als ik mijn zaad geplant had als een bijbels stamhoofd. - Wat is er van mijn zaad geworden - is een vraag die soms bij iemand opkomt, maar niet bij iedereen. Al die bitches en jaren en woorden.

De woorden zijn meer particulier. Ze verwijzen naar een tijd van grenzeloze verwachting. Er lag nog zoveel voor je. Je huid, je hoofd, je leven was nog jong, plooibaar.

Je dacht dat de mensen voor eeuwig bleven wonen aan de straten waar je gedachteloos doorheen ging. Achter de gestalten van nieuwe bewoners zie je ze soms nog staan, je ouders, je tantes, je gekke opa.

Ik maak foto’s van de slaapkamer en zie het bed waarin we lagen, van het matras op de vloer, van de steile trap naar beneden. Om te bewaren. Het is voorbij. Het is gezien. Het is niet onopgemerkt gebleven.
===================
===================
Rivier In Herfstlicht (haiku)

Rivier in herfstlicht—
weet het blad niet dat het valt,
vallend in het nu.
===================
============ ...


Zie ook: https://www.gedichten.nl/schrijver/Simon+K.?begin=1

Schrijver: Simon K., 5 december 2025


Geplaatst in de categorie: tijd

3.9 met 9 stemmen aantal keer bekeken 207

Er zijn 4 reacties op deze inzending:

Simon K., een maand geleden
Aan R.E.N.S., J. Bakx en Ralameimaar,

Dank u hiervoor. Ik ben blij dat het aanspreekt. Dank altijd voor uw reacties.

Ik was bijna geschokt toen ik drie reacties van u drieën tegelijkertijd zag. Zoveel veren en pluimen, waar moet ik die allemaal kwijt?

Ik bedoel, ik kan ze daar wel kwijt; het menselijk lichaam is op zich heel flexibel, en een echte vent went snel aan moeilijke tijden. Oké, je loopt de eerste meters wat moeilijk, maar je kunt gewoon toch nog naar de supermarkt.

Of naar de kerk; dat is eigenlijk ook een winkel. En in een katholieke kerk kun je blijven staan, dat is ook een voordeel.

Ja, ik vond uiteindelijk de juiste toon om dit zo op te schrijven. Het is allemaal ook zo gebeurd, en nu ben ik blij dat ik het gemaakt heb. Ik was gewoonweg geëmotioneerd door mijn eigen gedicht. En ik wist dat ik dit meedraag. Nu klinkt dat nogal plechtstatig — dat ook niet — maar toch: het ergste vond ik nog het geploeter om niets op het land, in de hitte en kou, al die dierenmishandeling, en wat blijft er over? Niets tot weinig.

Ik had het gedicht in het Spaans vertaald, en toen kreeg het nog weer een ander geluid en een andere lading. Ik zat nog na te denken of ik bepaalde woorden zou moeten veranderen, zoals de titel:

Op Den Deel
Het Geërfde Land (streekroman vibes)
De Erfenis

ik gum met licht – ik gum met zuur
ruikt naar zweet en zware balen – ruikt naar zweet en zware lasten
(naar zweet en zware ballen schoot me ook nog te binnen, kuch, de dichter in mij gaat dan los)

Maar uiteindelijk is het géén verbetering, alleen maar een verandering. Bovendien heb ik ontdekt, of geleerd, dat sommige dingen door het onbewuste worden opgepikt, die ik ook juist onbewust zo had geschreven. Dan kun je het beter maar laten staan; je onbewuste weet alles beter, op een intuïtieve manier, en een gedicht is sowieso niet logisch bedoeld, maar moet aanspreken op allerlei andere domeinen.

Ikzelf vind drie dingen van belang in een gedicht: klank, ritme en betekenis in een mooie verhouding. En het moet ook goed klinken als je het hardop voorleest. Dat vind ik heel belangrijk. En ik besteed veel tijd aan ritme en klank. Ik heb veel dichters bestudeerd, ook Engelse en Franse, en dat zouden meer mensen moeten doen.

Want ik las soms gedichten, van gerenommeerde merken die in de prijzen vielen — tsjonge jonge. Ja, ook Remco Campert, vooral hahah Remco (grapje), heeft kitwerk afgeleverd. En Anton Korteweg was ook geen hoogvlieger, mijn mening. Zijn sterfdatum is niet eens aangepast op zijn Wikipagina. Kan altijd nog, wat is de haast?

Maar goed, dit gezegd hebbende: ik heb er weer zin in. Ik voel de veren niet eens meer; ja, dat is het nieuwe normaal, je raakt al gauw verwend en zo.

Ik heb twee registers — eigenlijk drie — namelijk melancholisch, humoristisch en razend. Maar er zit een systeem in de waanzin; u weet wel waar dit vandaan komt. Ik heb zoveel associaties dat het schrijven vanzelf gaat, en daarna haal ik de beste stukjes eruit. Het gedicht hierboven had namelijk een andere versie. Dat ging eigenlijk over hetzelfde, maar ik heb het nog persoonlijker en beeldender gemaakt; je ziet het als het ware voor je.

Ik wist zelf wel dat het goed geslaagd was. Misschien moet ik de laatste strofe nog eenvoudiger maken, of anders. Je blijft bezig, als dichter zijnde. Ik blijf soms jarenlang aan één gedicht schaven. En soms is dat goed, maar soms niet. Ik weet nu waarom (het onbewuste moet ook aangesproken worden, en niet het logisch verstand, en klank etc.). Sommige gedichten zijn echt af nu: De precisie van de werkelijkheid en ook bijvoorbeeld Vuurwerk en gedans. Uiteindelijk zijn ze heel kaal en stevig geworden. Een constructie. Maar zangerige gedichten vind ik soms mooier.

Dank u allen, vrienden.

Groet,
Simon Quist
J.Bakx, een maand geleden
Het is, zoals bij Gerard Reve, niet onopgemerkt gebleven!
Ralameimaar, een maand geleden
Indrukwekkend alles!
R.E.N.S., een maand geleden
mooi gedicht Simon

reageer Geef je reactie op deze inzending: