Il barbiere di Siviglia
Voorwaar, ik voor mij,
zei de vernuftige edelman,
die tussen neus en lippen slobberend aan het ontbijt
zijn jonkvrouw een aria hoorde zingen
na de ouverture Il barbiere di Siviglia van Gioachino Rossini
Ik voor mij zeg u, meneer de Scheerder,
dat ik mijn uiterste best doe
de wereld te overtuigen dat zij
in grote dwaling verkeert
Jazeker, dat zij in dwaling verkeert
door niet - ik herhaal: niet - het zegenrijke gouden tijdperk
te herstellen waarin de orde van het dolend ridderschap floreerde
Edoch, wat zien wij om ons heen, welk een misère treft ons oog
De godenverzoekende vervloekte hemeltergend blasfemische
van wet- en schaamteloosheid doordrenkte faliekanterij
der uitgewoonde bouwvaluitzuigers en huizenmelkerij der imitatietempeliers
Ja, zij, de kwanselaars
der kanselarijen
Zij verdienen het niet
om al het schone ware
en goede te genieten
dat eertijds juist toekwam
aan de gouden tijden
waarin dolende ridders
de verdediging van koninkrijken
de bescherming van maagden
de hulp aan wezen en onmondige kinderen
de bestraffing van hovaardigen
en beloning van nederigen
als hun plicht beschouwden
en op zich namen
Voorwaar, o Scheerder van Sevilla,
de meeste ridders die thans
hun dagen in lediggang slijten
kraken en schuren eerder
van het damast en het brokaat
en andere kostbare stoffen
waarin zij gekleed gaan
- met daaronder,
zoals u Scheerder,
als geen ander zult weten
de pikante tattoorozetten hunner splitternackte geliefde engelen
met wie zij in dolce far niente
hun quasimodo avonturen beleven
dan dat zij zich vertonen
in hun maliënkolder,
er is geen ridder meer
die zijn nacht doorwaakt te velde,
onder het toeziend oog der maan,
overgeleverd aan de ongenadigheid
des hemels en het onverwacht
ruisend gespuis in de duisternis
van bos en beemd
... Don Quichote bij de Scheerder van Sevilla ...
Schrijver: Max de Lussanet, 13 januari 2026Geplaatst in de categorie: literatuur

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!