Schortje
De pot met zomerzoenen
trekken we open, zegt ze.
Op het kleine etiket staat
een wild geplukt boeket.
Ze pakt een borrelglaasje
op een donkergroene voet,
het randje gedoopt in suiker
en een kersje, gekonfijt. Vuurrood.
Ze schenkt de ronde vruchten
voorzichtig in, zonder knoeien,
serveert ze op een houten plankje,
naast een licht gezouten nootje.
Ik zie haar schortje wapperen,
zachtjes zet ze ‘t voor mij neer.
Op kookcursus in Spanje was zij.
Vijf bange dagen is ze gebleven.
Wat heb ik naar haar verlangd,
miste haar propere wezen.
Geen bed was aan kant,
de afwas gestapeld. Niets was klaar.
Met een pot vol zomerzotheid
kwam zij weder.
Het resultaat zelf geweckt.
Wat gloeide zij van trots. En ik van haar.
13 september 2026
Geplaatst in de categorie: psychologie

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!