Rossig
Een rossige zon
zag ik net een moment
boven de daken blaken
door zwijgende takken
van ferme nestenhoeders
geen weduwe zal haar
plichten verzaken
in de winterkou
net onder het nulpunt
dat de meren bevriezen
de vogels die hier
zijn overgebleven
schuilen bijeen
doorstaan de nacht
samen
tot de ochtenddauw
Geplaatst in de categorie: jaargetijden

Er is 1 reactie op deze inzending:
De winter wordt niet als vijand neergezet, maar als een omstandigheid die om nabijheid vraagt. Juist in de soberheid en het zwijgen ontstaat verbondenheid. Het gedicht ademt mee met wat overblijft, wat volhoudt, en laat zien dat samen zijn soms de enige en tegelijk meest wezenlijke vorm van warmte is.