In the year 2525
Stel dat in vijfentwintigvijfentwintig
de mens nog als primaat op aarde leeft
dat man en vrouw en kind het overleeft
dan zullen ze vast weten, neem ik aan
dat niemand in 't jaar 3535
de waarheid hoeft te zeggen of ontkennen
want alles wat je doet en denkt en zegt
zit in de pil die je hebt klaargelegd
In het jaar 4545
heb je geen ogen nodig en geen tanden
want nergens vind je iets om op te kauwen
en dat niemand jou aankijkt
zul je toch niet echt om rouwen
In vijfduizend vijfhonderd vijfenvijftig vijf
dan hangen slap je armen langs
je lijf
je benen hoef je ook niet te bewegen
dat zal een apparaat straks voor je doen
In zesduizend vijfhonderd vijfenzestig
zijn man en vrouw als echtpaar overbodig
je hebt geen echte zoon of dochter nodig
je kiest ze uit een buisje voor k.i.
Ik vraag me af of in 9595
de mens nog wel zal leven
hij plunderde de hele aarde,
heel veel meer dan zij kon geven
niets heeft er voor terug gedaan
Tienduizend jaren zijn voorbij
miljoenen tranen zijn gevloeid
maar nimmer wist hij met welk doel
aan 't einde van zijn heerschappij
Maar in de eeuwigdurende nacht
is het de fonkelende pracht
der sterren - lichtjaren vanhier
misschien is dat nog pas geleden
het jaar twintig vijf twintig vijf
als de mens dan nog wel leeft
en vrouw en kind het overleeft
Zie ook: https://share.google/RDO9Vk64kYUaUZiL9
Schrijver: Max de Lussanet, 4 februari 2026
Geplaatst in de categorie: songtekst

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!