god(in) van de overdrijving
Broeder in de zeemansliederenkunst
het is een gigantisch genot
in de razende en dwaze winden
die wij dagelijks alleen
en gezamenlijk creëren
waardoor de zeilen bloemig bollen
onze woorden als schoenerbrikken
door de rollende golven prikken
Deze zelfingenomenheid
vindt enig aftrek binnen de geëigende
veilig welgestelde kringen
- alsof de ‘ring van vuur’ een uitweg zag
door de muren van de ondergrondse wereld
penetrant
- een bovennatuurlijke redenering
die elk verhaal rondbreien kan
Vicieus of
serieus ingewikkeld
(a-)pretentieus zal ik altijd blijven
Als protagonist zal ik moeten beginnen
met de vele goden te rangschikken
naar kracht en uithoudingsvermogen
zodat ik mijn dagen duiden kan
aan de hand van welke god
op dat moment
het dichtst bij mij staat
- helemaal gelijk zullen wij nooit zijn
de slimmere goden
zullen dat maar al te goed begrijpen
Als er nog geen god(in) van de overdrijving bestaat
– iemand die voortdurend een trede overslaat
naar het superlatief van een hellend zwart gat
de ladder des levens verder uitrekt
dan men ooit eerder voor mogelijk hield
die achteloos tachtig sloten tegelijk
bedenkt en overspringt
in één stokloze nanoseconde
dreigende ketens temt
door zijn poten slechts uit te rekken
die de eeuwige beweging
van de zee en de horizon
tot stilstand brengt –
dan zou ik zeker bereid zijn
om voor die rol te solliciteren
en zo er andere kandidaten zijn
zullen zij wegkwijnen in de schaduw
van mijn grootste overdrijving
Geplaatst in de categorie: individu

Er zijn 2 reacties op deze inzending:
een gedegen analyse
zou ik toch meer sterren geven
maar wellicht vind jij dat overdreven
ps.
ik heb een godgloeiende hekel
aan valse bescheidenheid
Wat wel blijft hangen is dat spel tussen ironie en ernst. Je weet dat het overdreven is, maar je meent het ook half. Dat maakt het interessant. Vooral die laatste beweging — solliciteren voor de rol van “god(in) van de overdrijving” — trekt het volledig open. Daar valt het samen: humor, ego, zelfspot en grootheidswaan in één stem.
Het gedicht wil voortdurend groter worden dan zichzelf. Soms struikelt het daarover. Maar misschien is dat net de bedoeling. **