inloggen
voeg je netgedicht toe

Netgedichten

netgedicht (nr. 10.001):

Pantha rhei

In het midden van de brede stroom,
waar alles overkant is, dreven wij
met toegeknepen ogen,
onder de zon
die zich zonder mededogen
vermenigvuldigde
in de spiegels
van het golvend oppervlak.

Na elke trage slag van onze bronzen armen
snelden onze zondoorstoofde zomerhoofden,
blond als twee kristallen bollen,
meters verder mee met het getij.

Niemand keek, dachten wij,
dus niemand wist waarheen we gleden

en ook zelf hadden wij
geen idee dat niet,
door een dag zonder wolken,
tot een mistig bonken tussen onze slapen
was verdampt.

Toch wisten wij -
één woordeloos lichaam -
het verleidelijk stuwen te weerstaan,
zetten wij,
tegelijk maar zonder taal of teken,
de diagonaal in naar de oever

en lieten het oude water aan de zee.

Schrijver: Richard van Santen
7 apr. 2021


Geplaatst in de categorie: liefde

2,5 met 6 stemmen aantal keer bekeken 86

Er zijn 2 reacties op deze inzending:

Naam:
Richard van Santen
Datum:
9 apr. 2021
Dank voor je reactie, Jean-Pierre. Ik zal nog eens kijken naar de cadans. Misschien is dat wel de reden waarom het uiteindelijk misging met de liefde in kwestie ;-)
Naam:
Jean-Pierre Ami
Datum:
7 apr. 2021
Prachtig gekozen beeldspraak, Richard. Jammer dat de cadans die juist zo essentieel is - het gaat immers over de liefde - in de tweede helft wat ontspoort.

Geef je reactie op deze inzending:

( vink aan als je niet wilt dat je emailadres voor anderen in beeld verschijnt)