Psychose
De kamer blijft dezelfde,
maar hij staat net een graad verkeerd.
Stoelen luisteren,
de klok kijkt me aan.
Woorden vallen uit elkaar
nog voor ze mijn mond bereiken.
Zinnen worden signalen,
signalen worden bevelen.
De wereld wordt te dichtbij.
Gezichten lekken betekenis,
elk gebaar is een aanwijzing,
elk zwijgen een complot
dat speciaal voor mij is geschreven.
Ik zie verbanden
waar niemand ze legt,
trek lijnen door mensen,
door blikken, door stilte.
Zelfs toeval kijkt schuldig.
Angst draagt een logisch gezicht.
Ze praat rustig,
legt uit waarom dit klopt,
waarom ik dit verdien
Buiten rijden auto’s gewoon voorbij.
Binnen wordt elke gedachte
een kamer zonder ramen.
Ik ben niet gebroken.
Ik ben overspoeld.
Onder dit alles
probeert iemand
mij weer te vinden.
De werkelijkheid knippert.
Niet weg —
maar ook niet hier.
Alles is echt
en niets is van mij.
Geplaatst in de categorie: psychologie

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!