Tussen regels
Tranen zitten niet op papier.
Ze blijven hangen
in de hand die aarzelt
boven de zin.
De schrijver kijkt toe
hoe woorden weigeren
hun werk te doen.
Ze liggen stil,
alsof ze weten
wat ze zouden verraden.
In het gedicht
is geen schreeuw,
geen uitleg,
geen redding.
Alleen wit
dat zich voordoet als rust.
De tranen doen hun werk
buiten beeld.
Ze slijten de randen
van wat niet geschreven wordt.
Stilte is geen keuze,
maar slijtage.
Een lichaam
dat geleerd heeft
dat voelen
niets oplost.
Zo blijft het gedicht intact:
onbewogen,
ongevraagd,
eerlijk in zijn zwijgen—
terwijl de schrijver
langzaam leegloopt
tussen twee regels
die elkaar
niet durven raken.
Geplaatst in de categorie: filosofie

Er zijn nog geen reacties op deze inzending. Schrijf de eerste reactie!