Thermodynamica
De crash is stil.
Metaal ligt gescheurd,
rook valt als zwarte sneeuw,
verbrande olie in mijn neus
Ik zit in het wrak,
handen op het stuur,
ogen op een horizon
waar de hulpdiensten nooit zullen komen.
Zij zoeken overlevers;
ik ben alleen de abstractie van wat verging.
Het bloed, de modder,
het geschreeuw – laat ze het hebben.
Mijn adem vriest op
de verbrijzelde ruiten,
mijn hart slaat traag,
een riem die is gebroken.
Geen troost, geen melodie,
geen placebo die de pijn verzacht.
Kou is de enige eerlijkheid.
Warmte bedriegt.
Het blijft.
Een spiegel die alles breekt,
behalve de stilte.
Het glas splijt in gedachten,
niet in handen.
Een sirene kraakt in de verte.
Ik beweeg niet.
Ik ben al weg.
23 maart 2026
Geplaatst in de categorie: psychologie

Er zijn 5 reacties op deze inzending:
Ik kon het niet beter verwoorden,..
door elkaar heen spelen: die van de ervaring
zelf; de na-beleving; én de dichter die zoekt
naar de woorden. Dat maakt, in mijn ogen,
dat het perspectief diffuus wordt, waardoor
de ONwerkelijkheid ook actor lijkt te worden.
Interessante vragen.
De crash is inderdaad geen stilte — fysiek niet.
Maar subjectief kan hij dat wel worden, wanneer de ervaring zich losmaakt van het moment zelf.
Hart, bloed, adem en kou blijven concreet, maar wat wegvalt is de samenhang, de “ik” die ze nog tot één geheel maakt.
In die zin kom je dicht bij je laatste vraag:
een waarneming die nog doorgaat, terwijl de waarnemer al begint te verdwijnen.
whoever that may be:
Wat gebeurde vlak voor de crash?
De crash zelf is m.i. geen stilte maar het tegenovergestelde.
Hoe moeten we dit zien?
Hart, bloed, adem en kou vormen geen abstractie.
Ze worden hier zelfs waargenomen en gevoeld.
Het blijft...wat blijft?
Waarneming zonder waarnemer?
en begint de dissociatie?
een parabel voor het leven...